18 april 2017

Inleveren Canta in strijd met VN-verdrag

Tenminste 80 Amsterdammers met flinke mobiliteitsbeperkingen zullen als gevolg van de herbeoordelingen die de gemeente momenteel uitvoert, binnen 3 maanden hun zelfstandige vervoersmiddel kwijtraken. Waarschijnlijk zal dat aantal nog toenemen, aangezien de herbeoordelingen nog gaande zijn. Vanavond vindt een debat hierover plaats in de Raadscommissie Zorg. Wij hebben de verschillende politieke partijen onze zienswijze meegegeven.

 

De beleidsregels voor het toekennen van een gesloten buitenwagen zijn in 2010 aangescherpt, waardoor weinig mensen in aanmerking komen voor een Canta. Mensen die al jaren een Canta gebruiken gaan nu het effect van deze aanscherping voelen.

 

Collectief vervoer alternatief voor korte afstanden?

De redenering van het college van Burgemeester en Wethouders dat het Aanvullend Openbaar Vervoer voor mensen een geschikt alternatief zou zijn voor korte afstanden, kunnen wij niet volgen. Collectief vervoer kan nooit dezelfde mate van zelfstandigheid, flexibiliteit en maatschappelijke deelname bieden als een eigen vervoersvoorziening.

Met anderen reizen betekent voor gehandicapten dat zij altijd extra tijd moeten reserveren voor hun dagelijkse activiteiten. Zelfs voor het afleggen van korte afstanden moet men rekening houden met lange reistijden.  

 

Het plannen van meerdere activiteiten op 1 dag (boodschappen, vrijwilligerswerk, familiebezoek, behandelafspraken of bibliotheek) is daardoor moeilijk als je op collectief vervoer bent aangewezen. Dat vervoer kan immers niet garanderen dat mensen op tijd op hun bestemming aankomen.   

 

Scootmobiel als alternatief?

Het college stelt dat de mensen die hun Canta moeten inleveren, voortaan ook met een scootmobiel kunnen reizen. Een scootmobiel biedt meer zelfstandigheid dan het AOV. Er is echter een duidelijk nadeel: voor mensen die een koude-gevoelige aandoening zoals polio, multiple sclerose of reuma hebben, is een scootmobiel een groot deel van het jaar niet geschikt.

 

Bij veel chronische aandoeningen reageert het lichaam slecht op koude en vocht. Zij zouden alleen bij warm en droog weer met een scootmobiel kunnen reizen. Bij koude en vocht krijgen zij problemen met hun bloedsomloop, spieren, gewrichten of neurologische systeem. Daarbij komt dat de accu’s van een scootmobiel niet geschikt zijn voor langere afstanden en dat je op een scootmobiel maar zeer beperkt boodschappen of andere spullen kunt meenemen. De consequentie: meer afhankelijkheid van derden.

 

Zelfstandigheid

Zelfstandigheid is een groot goed, en voor mensen met beperkingen zijn die verworvenheden een stuk minder vanzelfsprekend dan voor gezonde mensen. Vinden we dat ook zij recht hebben op een onafhankelijk en zelfstandig bestaan? Het collectief vervoer brengt een grote afhankelijkheid met zich mee en zal mensen beperken in hun dagelijkse activiteiten. Het kan niet anders dan dat dit zal leiden tot een verminderde participatie.  

 

En dat is juist nu, een vreemde keuze die het college maakt. Want Nederland heeft vorig jaar het VN-verdrag voor de rechten van mensen met een beperking geratificeerd. En dat brengt verantwoordelijkheden met zich mee. Waaraan heeft Nederland zich met dit verdrag verbonden? De overheid heeft hiermee erkend:

  • Het belang voor personen met een handicap van individuele autonomie en onafhankelijkheid, met inbegrip van de vrijheid om eigen keuzes te maken. *(artikel 3).

 

Grondbeginselen verdrag

De overheid committeert zich eraan om de grondbeginselen van het verdrag na te leven en uit te dragen:

  • Respect voor de persoonlijke autonomie en onafhankelijkheid.
  • Het bevorderen van de volledige en daadwerkelijke participatie aan de samenleving en integratie in de samenleving.
  • Persoonlijke mobiliteitvoor personen met een handicap te faciliteren op de wijze en het tijdstip van hun keuze. (Artikel 20).

 

Kortom: er is nu meer reden dan ooit voor het college om voorzieningen te blijven bieden die de persoonlijke mobiliteit faciliteren in plaats van deze voorzieningen in te trekken.

 

Geen regressieve maatregelen

Het ondertekenen van internationale verdragen brengt de verplichting met zich mee dat overheden geen regressieve maatregelen mogen nemen, tenzij daarvoor zeer dwingende omstandigheden bestaan. Dat wil hier zeggen: geen maatregelen die ertoe leiden dat de positie van mensen met een beperking verslechtert ten opzichte van de situatie voordat het verdrag werd ondertekend.

 

Van zeer dwingende omstandigheden lijkt nu in het geheel geen sprake te zijn. Ook in dit licht bezien is de maatregel die het college nu neemt ten aanzien van mensen die al lang een Canta gebruiken aanvechtbaar.

 

Deel dit artikel

Voor meer informatie kunt u contact opnemen met Fatima Ouariachi op (020) 75 25 149 of f.ouariachi@clientenbelangamsterdam.nl